Naar de inhoud
Inhoud

Doorzoek alle 55 hoofdstukken, het voorwoord en het slotwoord.

Hoofdstuk 8 · 1945–1957

Wraak op de juffrouw Wille

1 min lezen · blz. 21–22 in het boek

De wakkerendijk in Eemnes
De wakkerendijk in Eemnes

De wakkerendijk in Eemnes

Met mijn vader had ik een goede band, je kunt het zelfs kameraadschap noemen. Dat ontstond al doordat ik als zes-of zevenjarige met hem meeging op de melkwagen. Mijn vader laadde de bussen op de wagen en ik moest ze op een rij zetten. We gingen rond half zeven weg en haalden op het Zuidereind en in Baarn de melk op. Rond acht uur stapte ik in de Kerkstraat van de wagen, in de buurt van mijn school. Bij een schoenmaker ging ik dan mijn handen wassen, want die waren vies van het ijzer van de bussen. Dat ging in de nerven van je huid zitten, ik kreeg ze nooit goed schoon. Mijn schooljuffrouw, juffrouw Wille, was een etterbak van een vrouw. Ik moest met mijn handen open door de klas lopen om te laten zien dat ik ‘mollenpoten’ had.

Als ik iemand had kunnen doden met mijn blik dan was ze ter plekke gestorven. Ik weet nog goed hoe we met Kerstmis altijd een aardappel met zilverpapier op ons bankje hadden met een kaarsje erin. We moesten met de armen over elkaar zingen. Ze keek je heel streng aan als je niet genoeg rechtop zat. Dat deed ze ook bij de jongen voor me, die ging echt overdreven een beetje achterover rechtop zitten met het gevolg dat zijn haar in de fik vloog door de kaars op mijn bank. Ik zag het gebeuren maar dacht: trut jij weet het toch allemaal zo goed, laat maar even gaan, en toen maakte ik het pas uit met mijn handen. Maar de paniek van die vrouw op dat moment, het is niet netjes, maar daar heb ik gewoon van genoten!

Koningin Wilhelmina school
Koningin Wilhelmina school

Koningin Wilhelmina school