Naar de inhoud
Inhoud

Doorzoek alle 55 hoofdstukken, het voorwoord en het slotwoord.

Hoofdstuk 2 · 1827–1945

Stuivertax

2 min lezen · blz. 8–9 in het boek

Taxi chauffeurs van Gooitax
Taxi chauffeurs van Gooitax

Taxi chauffeurs van Gooitax

Toen Jan veertien jaar was mocht hij officieel werken. Dat deed hij voor zijn broer Gijs, bij wie hij ook in huis ging wonen. Gijs Dorrestijn was vijftien jaar ouder en handelde in paarden. Ook knapte hij paardenwagens en ander rollend materieel op, om die weer te verkopen. Dat handelen gebeurde veelal op de vee-en paardenmarkten van Hilversum en Utrecht. In dat hele gebeuren kreeg mijn vader ook een baantje. Na een paar jaar voor Gijs te hebben gewerkt kreeg Jan omgang met Grietje Rebel, die winkels en werkhuizen schoonmaakte. Op zekere dag vergeleken ze hun inkomsten eens en Jan zag dat hij eigenlijk te weinig verdiende. Op een dag raapte hij alle moed bij elkaar en vroeg Gijs om opslag. Gijs was heel verbaasd, of hij speelde het, en zei: “Je verdient niet te weinig, je maakt te veel op. We kijken het even veertien dagen aan en dan praten we weer.” In die veertien dagen zette Gijs hem van ‘s morgens vroeg tot ‘s avonds laat aan het werk. Na twee weken vroeg Gijs: “Hoe is het nou met je centjes?” “Ik heb alles nog wat ik heb verdiend, want ik heb geen tijd gehad om het op te maken”, zei mijn vader. “Nou, wat heb ik je gezegd, je verdient genoeg je moet het alleen niet zo slordig uitgeven.” De liefdesrelatie tussen Jan en Grietje heeft maar een half jaar geduurd. De vrouw van Gijs heeft volgens Grietje net zo lang lopen stoken tot het stuk liep tussen die twee. Een paar jaar later trouwde Jan met Alida Geertruida Gramberg en kreeg een dochter: Janny. Jan had intussen zijn rijbewijs gehaald en werd taxichauffeur bij Gooitax.

Hij reed heel vaak een echte heer uit Laren die speciaal hem als chauffeur wilde. Op een dag tijdens een van de ritten vertelde Jan dat hij graag een eigen taxi zou willen hebben maar dat het heel moeilijk was om zevenhonderd gulden bij elkaar te sparen. “Hoeveel heb je nu dan?”, vroeg de heer. “Honderd tien gulden”, zei Jan. “Nou, de rest wil ik je wel lenen, dan blijf je mij ook steeds rijden en dan los je die schuld in een paar jaar weer af.” Zo startte Jan Dorrestijn zijn eigen zaak: de Stuivertax. Voor een bracht hij je in Hilversum van het ene adres naar het andere, meestal vanaf het station of een lokaal. Met zijn huwelijk ging het minder goed. Jan was van nature een harde werker en zijn vrouw totaal niet. Het liep op een scheiding uit, zij nam het dochtertje Janny mee en Jan was weer vrijgezel.